Het spoor van de Mekong (deel 2)

Home

Continent: Azië
Land: Laos
Route: Antwerpen – Chiang Rai – Chiang Kong – Luang Prabang – Phonsawan – Vientiane – Ban Na Phouah – Lak Xao – Dong Hoi – Hue – Hoi An – Ho Chi Minh City – Phnom Penh – Siem Reap – Aranyaprathet – Ko Chang – Bangkok – Antwerpen
Afgelegde afstand: 22000 km
Datum vertrek: 7 december 2002
Datum aankomst: 4 januari 2003
Aantal dagen: 29

                     

Ga naar deel 1

Dag 4

Na een paar uur nachtrust, enkel nog verstoord door de Laotiaanse kippen aan de overkant, besluiten we maar in alle vroegte op te staan en op het terras van het hotel te genieten van het ochtendgloren. Na een goed ontbijt met veel vers fruit vertrekken we naar de oversteekplaats een paar honderd meter verder. Ik wordt in mijn kreupele toestand door de eigenares hoogst persoonlijk met de wagen afgezet. Ik denk dat ze op die paar minuten wel vijf keer gezegd heeft “me very handsome guy”.

We steken de rivier over en na de grensformaliteiten nemen we per vier plaats in een speedboot. De komende zes uur zweven we met een oorverdovend lawaai tegen 80 km per uur over de Mekong op weg naar Luang Prabang. Tijdens de lunchpauze in een klein dorpje op een heuvel aan de oever van de Mekong wordt mij ineens duidelijk waarom zoveel medereizigers vegetarisch blijken te zijn. Als ik mijn bord nasi met kip voor mijn neus krijg zie ik wel erg veel onderdelen van een kip inzitten. Zowat alle organen kom ik tegen maar ook een stuk poot en een massa vel. Met mijn ogen dicht smaakt het nochtans best goed.

Klik voor grotere weergave Een stukje verderop komen we tot ons plezier zelfs een paar olifanten tegen. Helaas zijn het geen wilde, maar afgerichte werkolifanten. Hoe dan ook een spectaculair gezicht. Er zijn nog wel wilde olifanten in Laos maar deze worden steeds meer in hun bestaan bedreigd en dit terwijl het land vroeger Lane Xang, of Rijk der miljoen olifanten, heette. Even later stoppen we bij een klein achter bomen verscholen Hmong dorpje. Wat een primitieve omstandigheden. De mensen leven er tussen de kippen en hangbuikzwijntjes, kinderen lopen er naakt rond en maïs wordt tussen twee stenen gemalen. De mensen hier zijn ongelofelijk arm. De meerderheid woont in kleine houten hutjes, hoewel er in het dorpje ook een stenen huis staat met satellietschotel, waar het hele dorp TV komt kijken. Commercieel zijn ze al wel. Als een van onze medereizigers een oude vrouw een pen geeft om haar foto te nemen, kijkt ze teleurgesteld en vraagt geld in de plaats.

Hierna gaan we weer op weg totdat onze “piloot” ineens bruusk stopt en naar een paar zwaaiende mensen aan de oever vaart. Waar staan die mensen toch mee te zwaaien? Al gauw blijkt dat het om de darmen van een wild zwijn gaat. Dit illegaal geschoten beest, een lekkernij voor de Laotiaan, wordt hier terplekke in stukken gesneden en verkocht aan voorbijgangers. Onze gids is duidelijk in zijn nopjes als hij zijn zakje huis met vlees en organen in ontvangst kan nemen. Dat wordt smullen vanavond, vertelt hij ons. Ik maak me meer zorgen over het feit dat dit ding nog een paar uur achter ons in de volle zon moet liggen. We vervolgen onze weg naar de Grot der 1000 Boeddha’s. Een kleine grot vol beeldjes die als een soort bedevaartsplaats dient. Elk jaar worden hier weer beeldjes bijgeplaatst zodat de bewoners weer van een goed jaar verzekerd zijn.

We vervolgen snel onze weg naar onze eindbestemming omdat het stilaan donker begint te worden. Doordat een boot pech heeft komen we pas tegen het donker aan in Luang Prabang. Onze bagage wordt door helpers naar de bus gedragen. Sommige van hen zijn kleiner dan de rugzak die ze dragen.

Onze eerste avond in Luang Prabang brengen we door in een gezellig, maar toeristisch restaurantje. We slapen in een goed hotel en kijken al uit naar de dag van morgen.

Dag 5

Vandaag hebben we een vrije dag in Luang Prabang. We profiteren hiervan meteen door een keer lekker uit te slapen. Na het ontbijt bezoeken we de Dalamarkt en het oude koninklijke paleis. We zien een groep jongeren jeu de boules spelen bij een vijver vol prachtige lotusbloemen, duidelijk een overblijfsel van de Frans koloniale tijd.

Klik voor grotere weergave Tot ons genoegen is er koeler weer op komst. ’s Middags eten we voor het eerst sinds het begin van de reis een maaltijd zonder rijst en gaan we wat drinken aan de oever van de Mekong. Wat een rust en stilte hier. We verkennen de stad nog verder en zijn echt onder de indruk van de vele gave tempels en enorme beelden. Overdag zie je hier ook veel jonge en oudere monniken rondlopen in hun typische oranje gewaden, het geeft de stad een serene aanblik. ’s Avonds eten we weer in hetzelfde restaurant en laten we ons het Beer Lao goed smaken. Later die nacht worden we nog verrast door een flinke bui, een van de weinige op deze reis.

Dag 6

Vandaag vliegen we naar Phonsawan om de belangrijkste toeristische trekpleister van Laos te gaan bezichtigen. De groep lijkt een beetje zenuwachtig en dit heeft alles te maken met het feit dat we op het punt staan in een vliegtuig te stappen in een van de meest primitieve landen in Azië. Tot onze verbazing kunnen we plaatsnemen in een modern, goed onderhouden toestel en komen we na een korte vlucht heelhuids op onze bestemming aan.

De Vlakte der Kruiken is eigenlijk onderverdeeld in drie sites. Na een korte busrit staan we oog in oog met het mysterie van Laos. Deze kruiken zijn waarschijnlijk zo’n 2000 jaar oud en gemaakt van een steensoort die in de wijde omgeving niet voorkomt. Bovendien is men er nooit achter gekomen waarvoor zij juist gediend hebben. In ieder geval zijn we niet echt onder de indruk van deze eerste site. Er liggen maar een paar kruiken en echt groot zijn ze niet. Na onze picknick gaan we te voet naar de tweede site. Na een wandeling van een klein uurtje over heuvelruggen, uitkijkend over een prachtig landschap, bereiken we de tweede site. Hier liggen al wat meer kruiken en zijn er ook enkele wat grotere exemplaren. Daarna gaan we met de bus verder naar de derde en veruit grootste site. Hier liggen wel zo’n 300 kruiken, waarvan sommige wel twee meter hoog. Ondanks dat alle reisgidsen dit het hoogtepunt van Laos noemen, zijn wij het daar, de pracht en praal van Luang Prabang in het achterhoofd, duidelijk niet mee eens.

Klik voor grotere weergave Ons hotel voor die avond is best in orde alleen worden we voor het eerst geconfronteerd met een terugkerend Laotiaans probleem, stroomtekorten. Stroom is namelijk het enige exportproduct van dit land en nu voeren ze zoveel uit dat er voor de eigen bevolking niet genoeg is. In Phonsawan valt dan ook elke avond rond elf uur de stroom in hele stadje uit.

 

Dag 7

Na een vreselijk ontbijt met 3 in 1 instant koffie (koffie, melk en heel veel suiker) gaan we op weg naar een Hmong dorpje. De Hmong zijn een etnische groepering die leeft in de bergen. In de maand december, wanneer ze hun nieuwjaar vieren, komen veel familieleden vanuit de USA hen bezoeken en tijdens deze feesten worden nieuwe koppeltjes gevormd door een bijzonder ritueel.

De jongen en het meisje gooien een klein balletje naar elkaar en beginnen een gesprek. Aan de manier waarop het meisje de bal terug gooit naar de jongen, weet hij hoeveel kans hij heeft om haar te veroveren. Gooit zij het balletje hard terug dan kan hij beter op zoek gaan naar een andere kandidate. In het andere geval geeft de jongen een aandenken aan het meisje, vaak een armband of ketting, en zal hij haar ’s nachts proberen te stelen. Dit doet hij door voor haar te zingen of muziek te maken. Als zij vervolgens naar buiten komt en het sieraad, dat zij van hem gekregen heeft, draagt dan weet hij dat zij met hem mee zal gaan. Een paar dagen later komt hij haar dan halen en zonder medeweten van haar ouders vertrekt zij voor enkele weken naar haar toekomstige schoonfamilie. Daarna ontmoeten de ouders elkaar om kennis te maken en een vergoeding af te spreken.

Klik voor grotere weergave In het Hmong dorp leven de mensen echt tussen de beesten en het vuil. Ze wonen in hutjes gemaakt van stro, leem, hout en schroot en slapen op een matje op de grond. Ze gaan gekleed in lompen en de allerkleinsten lopen gewoon in hun blootje rond. Wij beschouwen deze mensen haast als een attractie, hoewel het omgekeerde minstens even waar is. Een paar mensen van de groep laten een stukje van hun opname aan een oud koppeltje zien. Zij proesten het uit van het lachen als ze zichzelf in het kleine schermpje terugzien.

Terug in Phonsawan maken we ons klaar voor onze vlucht naar Vientiane. Helaas vertrekt deze pas om vijf uur in plaats van om twaalf uur en zo blijft er deze dag niet veel tijd over om Vientiane te bezichtigen. Onze eerste indruk leert ons dat we in een echte stad terecht zijn gekomen, maar dan een zonder de bijhorende drukte. ’s Avonds genieten we van de Franse keuken in een klein, gezellig restaurantje.

Dag 8

Vandaag zullen we de belangrijkste bezienswaardigheden van Vientiane bekijken. We vertrekken per tuk tuk naar het andere eind van de stad waar een gigantisch tempelcomplex ligt, dat nog met een nieuwe grote tempel uitgebreid wordt. Het is er één en al bladgoud en de monniken in oranje gewaden zijn overal. Vandaag is het erg heet en drukkend weer, maar gelukkig beginnen we er een beetje aan te wennen.

Klik voor grotere weergave Onze volgende stop is de Pratuxai, de Laotiaanse versie van de Arc de Triomphe. Als ik Astrid even alleen laat, wordt zij aangesproken door een paar schuchtere Laotianen die haar in onverstaanbaar Engels iets proberen te vertellen. In het gebouw barst het werkelijk van de kleine winkeltjes die je een of andere snuisterij willen aansmeren. Van bovenop het gebouw heb je echter een prachtig uitzicht over de stad en vooral het zojuist bezochte tempelcomplex. Na een gesprek met een monnik, komen we een Frans koppel tegen en raken we aan de praat. Zij blijken al jaren door Azië te reizen en hebben een voorkeur voor Myanmar. Hun reizen worden grotendeels gefinancierd door fotoreportages die verkocht worden aan National Geographic en dergelijke. Wat een leven! Onze gids had ons aangeraden een grote lokale markt eens te bezoeken. Helaas stinkt het er zo dat we al snel besluiten door te gaan om nog een paar tempels te bekijken.

We maken een lange wandeling langs de Mekong en gaan een hapje eten in één van de vele tentjes op de boulevard. Na een verdiende siësta trekken we weer de stad in om te wandelen en de nodige beer Lao te nuttigen. Na weer een heerlijke maaltijd, pizza nota bene, kruipen we voldaan in ons bedje.

Dag 9

We vertrekken al vroeg met de bus richting Ban Na Phouah, een klein dorpje in het Khammouan Limestone National Park. Onderweg stoppen we bovenop een pas waar we een fantastisch uitzicht hebben p het karstgebergte. De grijze pieken steken fel af tegen al het groen aan de voet van de heuvels.

We komen iets vroeger dan verwacht in Ban Na Phouah aan. Het is een dorpje zoals we er al enkele gezien hebben. Houten hutjes, geen stromend water en iedereen die tussen de beesten leeft. We zullen hier de nacht doorbrengen in het huis van de hoofdman, het enige van steen. Met z’n twintigen installeren we ons op de keiharde tegelvloer en hangen we onze muskietennetten op. Nadat we het dorpje hebben bekeken, lopen we naar het strandje en zijn daar net tijdens het speeluurtje. Iedereen is zich hier in z’n blootje in het water aan het vermaken.

Klik voor grotere weergave Het eten ’s avonds is weer een hele belevenis. De kok van dienst vraagt namelijk welke kip wij graag bij onze rijst zouden eten, wijzend naar een paar kippen, die op dat moment tussen de hutjes doorrennen. Nadat we onze keuze bekend maken, grijpt de kok de onfortuinlijke kip en snijdt hem open om leeg te laten bloeden. Daarna wordt de kip onthoofd, geplukt, schoongemaakt en gegrild op een geïmproviseerde barbecue. Het eten smaakt de een al beter dan de ander en na een paar Beer Lao besluiten we ons klaar te maken voor de nacht. Na een verschrikkelijke stop bij het enige toilet, een Frans dan nog, leggen we ons op de keiharde vloer en sluiten onze ogen.

Dag 10

Na een uurtje of vijf het slapen opgegeven. Wat een gesnurk! Na een Spartaans ontbijt, gaan we met een houten bootje het plaatselijke riviertje af en worden we getrakteerd op een prachtig uitzicht en een enorme rust en stilte, enkel verstoord door het zachte geronk van onze bootjes. Het karstgebergte steekt weer fel af tegen de helderblauwe lucht. 

Klik voor grotere weergave Na een goed uurtje tuffen en een kleine wandeling, komen we aan bij een klein dorpje met een klein schooltje. Het blijkt dat ze een groot tekort hebben aan schriften, boeken en schrijfgerei en dus besluit de groep om een donatie te doen om de meest noodzakelijke dingen te kopen. Onze gids drukt het dorpshoofd wel op het hart het geld niet te gebruiken voor extra verfraaiingen voor de in aanbouw zijnde tempel.

We gaan weer met de bus op weg, deze keer naar onze laatste overnachtingplaats in Laos, Lak Xao, niet ver van de Vietnamese grens. Het dorpje bestaat uit slechts één straat en heeft maar één hotel en restaurant, wat dan ook heel toepasselijk “The Only One” heet. Het hotel is veruit het smerigste tot nu toe en dat valt toch wel tegen na onze vorige nacht. We zijn gelukkig nog net op tijd voor de broodnodige douche, voor de stroom in het hele dorp uitvalt. Gelukkig beschikt het restaurantje over een generator, hoewel dat de kwaliteit van het eten zeker niet ten goede kwam.

Ga naar deel 3

Home